|
"Een goed paard is nog geen goede ruiter." Co Adriaanse
maakte deze vergelijking ooit toen hem gevraagd werd naar de
trainerskwaliteiten van Marco van Basten.
Of de vergelijking in deze opgaat is aan u.

Vraagt
een man aan een andere man: "welke paarden gaan naar het
zuiden" ?
de andere man zegt: "Dat weet ik niet"
zegt de man "trekpaarden"
Serana van Laarhoven

Wanneer we paardrijden, lenen we vrijheid.

"Kan
jouw paard hoger springen dan die hindernis?"
"Ja natuurlijk, die hindernis kan niet springen!"

Wat
is het verschil tussen een paard en een ezel?
Er zijn géén paarden die op een ezel rijden, maar er zijn wel
véél ezels die op paarden rijden.

Als de veertienjarige Kim na het rijden thuis komt, zegt ze
tegen haar vader:"Vandaag heb ik voor het eerst in mijn eentje
een buitenrit gemaakt.
Zal ik er metéén alles over vertellen of lees je het liever
morgen in de krant?"

Er
staan twee paarden in de wei en ze zijn heel boos op elkaar.
Zegt het ene paard: "Ik sta morgen heel vroeg op en dan schrijf
ik 'Ezel' op je deur".
Antwoordt het andere paard: "Dan sta ik nog eerder op om het er
af te vegen!"

Waarom is een pony slecht voor je hart?
Hij steelt het!

Zigeunergoud rinkelt of schittert niet.
Wel glanst het in de zon en hinnikt in het donker.

Vrouw zoekt prins. Paard geen
bezwaar.

"Laatst
moest ik ergens jureren en omroepen op een Friese
Paardenkeuring. Ik kreeg na afloop een gesprek met een van
de aanwezigen en ik merkte uit zijn gesprek op dat hij
[paarden]slager is van zijn vak.
Vandaar
dat ik hem kon vragen: "weet jij soms wat het malste is van
een Fries paard?"
Hij
dacht dat het de lenden was.....
"Nee"
kon ik hem melden, "het zijn zijn hoefijzers".
Loek van Bronkhorst.

Het paard dat in drie dagen grijs werd.
Behalve scheepsjager was Paul Timmer ook
paardenhandelaar. In een bepaalde periode deed hij deze
handel samen met een boerenzoon uit Oud- Avereest, die,
nadat hij uit militaire dienst kwam eigenlijk niet meer
"op het goede pad" wilde. Het onderstaande verhaal werd
mij verteld door een broer van genoemde boerenzoon.
De grote boerderij deed dienst als handelsstal: langs de
zijmuur stond vaak een rij paarden en ook op de deel
waren paardenstallen. Op zekere dag komt Paul met een
oud en grijsachtig paard thuis. "Die zette wi-j ies mooi
op stal", zei Paul. "Het diertien is wat verwaarloosd,
wi-j zult ut is netties opknappen". Het paard werd in
een donkere stal gezet. Onder het motto: Goed voer en
een warme stal, werd het paard weer op krachten
gebracht. Het goede voer en de donkere stal misten de
uitwerking op het paard niet en toen het na een paar
weken uit de stal werd gehaald, was het alweer een
beetje dartel. "Wij bint op de goeie weg", sprak Paul.
"Hi-j kreg al weer wat lef".
Nu moesten de kenmerken van het oud zijn nog wat worden
weggewerkt. De hoeven werden netjes bijgewerkt en met
zwarte teer glanzend gemaakt. Met Zebra-kachelglans
werden niet alleen de grijze haren weggewerkt, maar
stond het paard er bovendien glimmend bij. Alleen de
ingevallen slapen boven de ogen moesten nog verdwijnen.
Daar wist Paul ook wel raad op. Met een oude stopnaald
in een kruk werd in de huid van de slapen geprikt. Door
deze irritatie kwam er stuwing van wondvocht opgang
zodat het paard weer "mooi vol boven de ogen werd ". Nu
kon het paard verkocht worden.
Wat nu volgt typeert echt de brutaliteit, de
roekeloosheid en slimheid van Paul. Hij ging op bezoek
bij de oude eigenaar van het paard. Nadat Paul
geïnformeerd had naar de gezondheid van de familie en
het wel en wee van de veestapel, vroeg hij of er al een
nieuw paard gekocht was. Toen hierop ontkennend werd
geantwoord, trok Paul alle registers open. "Wat komp det
nou mooi uut. Ik hebbe precies ut peerd wat ie zuukt.
Goa maar ies met, dan zu-j ut zien". Zo gezegd, zo
gedaan. Ze gingen op pad om het paard te bekijken. Het
paard werd van stal gehaald en aan alle kanten bekeken.
"Is ut gien mooi peerd?", sprak Paul. "Echt een peerd
veur oe, gien sloaperd maar toch kienderluk mak". Het
paard werkte aan alle kanten mee. Het goede voer (Paul
had een speciale "slobber "), de donkere stal, de
verjongingskuur, alles droeg een steentje bij. Paul deed
er nog een schepje bovenop: "le zult zien as ie dit
peerd koopt, dan wordt ut old bi-j oe".
Na nog wat heen en weer gepraat, werd onder het genot
van een kopje koffie de koop gesloten. Bij het weggaan
kon Paul het niet nalaten nog een weddenschap af te
sluiten: "Ik wedde um un goeie deuze segaren, dat ut
peerd gries bi-j oe wurd". Alzo werd besloten. Toen het
paard thuis in de wei werd gelaten, was er nog niets aan
de hand. Het voelde zich direct thuis. Maar na enkele
koude nachten en een paar fikse regenbuien stond het
paard met het hoofd naar beneden in de wei. De
kleurspoeling was uitgewerkt, evenals het krachtvoer.
Het paard was in drie dagen grijs geworden.
Toen Paul enkele dagen later voorbij fietste kon hij het
niet laten te roepen: "Die deuze segaren zal wel niks
meer worden, maar ik hebbe-t oe ezegd: het peerd wordt
nog gries bi-j oe en ik hebbe geliek ehad".
Jan Nijensikkens |

|